Wat er met je rating gebeurt na een partij, en waarom.
Je rating is een schatting van je vaardigheid, min een aftrek zolang de app je nog niet goed kent. Winnen van iemand die hoger staat levert veel op, winnen van iemand die lager staat weinig, en verliezen werkt precies omgekeerd.
Op de ranglijst staan ze allebei, naast je rating.
Zodra je onzekerheid op 100 staat, is je rating gelijk aan je vaardigheid: geen aftrek meer. Daarboven wordt het verschil 2.5 keer afgetrokken. Daarom staat iemand met één gewonnen partij niet meteen bovenaan.
Drie dingen bepalen hoeveel bewijs een sessie levert. Ze vermenigvuldigen.
Het spelgewicht komt van BoardGameGeek, dus niemand kan het bijstellen door een ander spel te kiezen. Kent BGG het spel niet, dan telt het neutraal (0.7× tot 1.4× is het volledige bereik). Het bewijs van een sessie wordt verdeeld over je tegenstanders, zodat een grote tafel niet als vijf losse duels telt.
Omdat de app dan minder zeker wordt van je niveau.
Je vaardigheid blijft staan; alleen de zekerheid zakt, en daarmee je rating. Eén partij zet dat grotendeels weer recht.
Bewust weggelaten, zodat de ranglijst prestatie meet en niet gedrag.
Dezelfde partijen, drie manieren om ze te wegen.
Adaptief V2 is de standaard en het model dat hierboven beschreven staat.
Adaptief V1 is de vorige versie. Daar kon de onzekerheid alleen dalen, waardoor een rating na veel partijen nauwelijks nog bewoog en veel spelen op zich punten opleverde.
Traditioneel is klassieke Elo: elke sessie weegt even zwaar en er is geen onzekerheid. Simpel, en handig als referentie.
Op elke partijpagina staat per speler wat die sessie met de rating deed, uitgesplitst naar vaardigheid, onzekerheid en de gewichten hierboven. Dat is dezelfde berekening als deze pagina beschrijft, toegepast op één avond.